Twee cementfabrieken in België klimaatneutraal vóór 2030!
Bij twee cementfabrieken in België zijn projecten gestart om de CO2 die vrijkomt bij de productie van portlandcementklinker volledig af te vangen. De klinkerproductie bij deze fabrieken zal daardoor uiterlijk in 2029 volledig klimaatneutraal zijn. Het gaat om de fabriek van Heidelberg Materials in Antoing en de fabriek van Holcim in Obourg. In dit artikel gaan we in op deze omvangrijke projecten en op de gebruikte technieken voor het afvangen van CO2.
Oxyfuel als eerste stap
Bij beide fabrieken zal gebruik worden gemaakt van een combinatie van technieken om de vrijkomende CO2 af te vangen en te concentreren. In beide gevallen is de eerste stap het gebruik van zuivere zuurstof of een verhoogd zuurstofgehalte in plaats van gewone lucht. In een reguliere cementoven wordt veel lucht geblazen om de voor het verhitten van de oven gebruikte brandstoffen van zuurstof te voorzien, waardoor de CO2 die vrijkomt uit de kalksteen en uit de brandstoffen sterk wordt verdund. Door zuurstof te gebruiken in plaats van lucht kan de CO2-concentratie in de rookgassen sterk worden verhoogd. Afhankelijk van de gebruikte techniek kan de CO2-concentratie worden verhoogd van grofweg 25 % naar meer dan 90 %.
Bij de ‘pure’ oxyfuel techniek, waarbij volledig met zuivere zuurstof wordt gewerkt, is er geen vervolgstap nodig om de CO2-concentratie verder te verhogen. Deze techniek vraagt echter wel forse aanpassingen aan het proces. Zo moet het brandproces worden aangepast omdat er anders door het gebruik van pure zuurstof hogere verbrandingstemperaturen ontstaan. Er moet uiteraard heel veel zuivere zuurstof worden geproduceerd (voor een gemiddelde klinkeroven zo’n 30 ton zuurstof per uur) waarvoor een luchtsplitsingsinstallatie nodig is. En de gehele ovenlijn moet zo luchtdicht mogelijk worden gemaakt, hetgeen bij de hoge temperaturen en draaiende delen niet eenvoudig is. Een alternatief voor het werken met zuivere zuurstof is het werken met verhoogde zuurstofconcentraties. Dit vraagt minder aanpassingen aan de cementoven, maar de CO2-concentratie in de rookgassen is dan niet hoog genoeg om de CO2 efficiënt te kunnen afvangen en opslaan. Er is dus een vervolgstap nodig voor verdere concentratie van de CO2 en die aanpak wordt gevolgd bij de fabriek van Holcim in Obourg. Bij de fabriek van Heidelberg Materials in Antoing wordt wel zuivere zuurstof gebruikt, maar niet voor het gehele ovenproces maar alleen bij het zogeheten calcineren van kalksteen.

De fabriek van Holcim te Obourg, situatie in 2023.

Geplande bouw van een nieuwe oven bij de fabriek van Holcim te Obourg. Situatie 2026.
Holcim Obourg
Bij de fabriek van Holcim in Obourg zal eerst de huidige ‘natte’ oven worden vervangen door een state-of-the-art droge oven, waarmee een forse energiebesparing wordt gerealiseerd. Vervolgens zullen de installaties worden gebouwd om te kunnen werken met de oxyfuel technologie, waarmee de CO2 wordt geconcentreerd tot zo’n 80%. De CO2-concentratie zal vervolgens verder worden verhoogd tot boven 99,5 % met behulp van Air Liquide’s CryocapTM Oxy technology. Deze techniek maakt gebruik van een combinatie van cryogene techniek (het sterk afkoelen of vloeibaar maken van gassen) en van filters, waardoor de rookgassen worden gereinigd en de CO2 sterk kan worden geconcentreerd.
Het gehele project, genaamd GO4ZERO, moet in 2028 zijn afgerond en resulteren in de afvang van zo’n 1,1 miljoen ton CO2 per jaar. De CO2 wordt vervolgens getransporteerd naar Antwerpen, waarna het vloeibaar wordt gemaakt en vervolgens wordt verscheept voor permanente opslag onder de Noordzee.
Met het enorme project is een investering van meer dan 500 miljoen euro gemoeid. Voor het project is subsidie toegekend vanuit het EU-Innovatiefonds.
Heidelberg Materials Antoing

Bij de fabriek van Heidelberg Materials in Antoing zal voor het afvangen van de CO2 gebruik worden gemaakt van een combinatie van oxyfuel technologie en amines.
De oxyfuel technologie zal zoals eerder aangegeven alleen worden toegepast op het calcinatieproces. Dit is het verhitten van kalksteen tot ongeveer 900 °C, waarbij de kalksteen (CaCO3) wordt omgezet in vrije kalk (CaO) en CO2. Het gaat om ongeveer 510 kg CO2 per ton klinker, grofweg tweederde van de totale bij de productie van portlandcementklinker vrijkomende hoeveelheid CO2. Door de kalksteen eerst te verhitten met restwarmte en vervolgens met brandstof en zuivere zuurstof, ontstaat er in de rookgas van het calcinatieproces een zeer hoge concentratie CO2 die vervolgens kan worden afgevangen.
Ongeveer een derde van de CO2 is afkomstig van de brandstoffen die nodig zijn voor het verhitten van de klinkeroven. Die brander van de klinkeroven, die de grondstoffen (hoofdzakelijk de gecalcineerde kalksteen en klei) verder verhit tot zo’n 1.450 °C, werkt met gewone lucht, waardoor het voor deze stap noodzakelijk is om de vrijkomende CO2 te concentreren. Die CO2 zal worden afgevangen met amines. Amines lijken op ammoniak, dat bestaat uit een stikstofatoom en drie waterstofatomen (NH3). Amines bestaan uit een stikstofatoom met daaraan ten minste een koolstofatoom en verder waterstofatomen (bijvoorbeeld NCH5). Amines kunnen CO2 bij lage temperatuur (30 °C) opnemen en bij hogere temperatuur (120 °C) weer afgeven. Meer over deze techniek kun je lezen in ons artikel Met amines CO2 afvangen bij cementproductie.
Het verwarmen van de CO2-rijke amine-oplossing wordt gedaan met de restwarmte van het ovenproces. De restwarmte is niet toereikend om met deze techniek alle CO2 af te kunnen vangen, maar door de ingenieuze combinatie van de aminetechnologie met de oxyfuel technologie wordt het gedeelte dat met de amineoplossing moet worden afgevangen zodanig beperkt dat de restwarmte wel toereikend is.
Het project, genaamd Anthemis, zal vanaf 2029 resulteren in de jaarlijkse afvang van 800.000 ton CO2, die vervolgens via een pijplijn zal worden afgevoerd en worden opgeslagen onder de Noordzee. Met dit project is een investering van 450 miljoen euro gemoeid.
CO2-negatief beton

Twee van de vier klinkerovens in België zullen dus al voor 2030 CO2-neutrale portlandcementklinker, de basisgrondstof voor cement, produceren. Cement dat met deze klinker wordt gemaakt zal een zeer bescheiden CO2-profiel hebben, onder meer afhankelijk van het CO2-profiel van de overige (hoofd)bestanddelen van het cement. Beton dat met cement van deze fabrieken geproduceerd gaat worden kan zelfs CO2-negatief zijn. Dit komt doordat een deel van de bij de productie van cement vrijgekomen CO2 weer wordt opgenomen door het beton gedurende de levensduur van de betonconstructies en door betongranulaat wanneer het gerecycled wordt. Die opname is niet gering. Geschat wordt dat wereldwijd ruim 40 % van CO2 die vrijkomt bij de calcinatie van kalksteen weer wordt opgenomen door de cementsteen. Die schatting is wel gebaseerd op het wereldwijde hoge aandeel aan klinker in cement, want cementsteen op basis van portlandcement kan meer CO2 opnemen dan cementsteen van hoogovencement. Gecorrigeerd voor het relatief hoge aandeel hoogovencement in Nederland gaat het nog altijd gemiddeld om bijna 30 % oftewel 150 kg CO2 per ton cement ofwel zo’n 50 kg CO2 per m3 beton. Wanneer (vrijwel) klimaatneutraal cement wordt gebruikt overtreft deze CO2-opname de CO2-emissies als gevolg van het transport van de grondstoffen, de productie van beton en het transport van beton naar de bouwplaats. Beton wordt op deze manier een (bescheiden) carbon sink!